Generation T

Tot 5 oktober kunnen jongeren tussen 18 en 35 jaar een project op de website van Generation T indienen.  Jij kan zowel je eigen project en/of een ander jongere nomineren.  Uit alle inzendingen kiest de jury er 100 mensen die hun duurzaam project kunnen promoten, andere gelijkgezinden kunnen ontmoeten, …  Dus een stevige boost, als je erbij bent.  Ik heb dat ook voor deze blog gedaan, zodat hij meer naambekendheid zou kunnen krijgen.  Waarom?  Omdat volgens veel mensen dat duurzaam proberen te leven met een klein inkomen onmogelijk is, maar toch probeer ik op mijn eigen creatieve manier.  Het komt niet alleen mezelf, maar ook de anderen tegemoet.  Met om te beginnen, in kleine stapjes, …  En met vallen en opstaan.  Proberen en van alles proberen te testen.

Wie nog een project wil indienen, moet zich haasten en rept het best naar deze website: Generation T

Advertenties

Ik wil geen reclame en ballast in huis, maar enkele informatieve bladen

Thuis heb ik een kleine brievenbus, en het is meteen vol als er reclame (niet op naam) wordt ingesmeten.  Dus op mijn brievenbus hangt er een sticker op “GEEN RECLAME, ENKEL INFORMATIEBLADEN” op.  Zo raakt mijn brievenbus niet overval, en komt er enkel de gewenste post erin.

voorbeeld van een sticker

Ik lees nooit de reclame, want al die prul heb ik toch niet nodig en ik haat verzamelwoede en papierverspilling.  Als ik reclame wil zien, lees ik mijn e-mails en websites en koop ik enkel wat ik nodig heb en/ of kan gebruiken.  Of ik ga naar de winkel, als ik echt die producten nodig heb en bestudeer ik bijvoorbeeld van welk apparaat het meest geschikt op mijn maat en budget.  Ook bekijk ik of dat ik plaats in huis heb of niet.  Geen ballast in huis.  Alles wat goed is en niet meer gebruik, gaat weg.  Niet in de vuilbak, maar naar de kringwinkel, of verkoop ik door of geef ik weg.  Aan mensen die het kunnen gebruiken, en daarmee plezier kan doen.  Ook al is het niet altijd mijn familie, vrienden of kennissen.  Toch bedankt iedereen zich als ik gebruikte spullen die ik niet meer nodig heb, toch een tweede leven geef voor een spotprijsje of gratis.

Ik sorteer thuis mijn afval niet, maar elders wel.

In Vlaanderen is het de gewoonte om afval te sorteren.  Ik doe het overal, maar thuis niet.  Dat komt omdat ik op een appartement woon en iedereen in de blok maakt gebruik van containers om zijn afval in te droppen.  Dat mag letterlijk van alles zijn: etensresten, versleten en kapotte spullen, PMD, KGA, …  Maar eigenlijk ben ik daar tegen, want afval dat gerecycleerd en hergebruikt kan worden (of onderdelen daarvan) moet kunnen.  Dat komt het milieu ten goede.

Die containers zijn ook letterlijk vies, want overal vliegen er van die kleine vliegjes en het stinkt.  Ten tweede is het snel vol, want alles wordt daar in gedumpt.  Gelukkig is dat niet zo in mijn huis, want het is daar proper en niet te clean.  Dus het leeft …

containers van appartementsblok

Leven zonder auto

Ik heb een interessant boek van Luc Vanheerentals gelezen.  De titel is: “Leven zonder auto”.  Tegenwoordig is de auto niet meer uit het straatbeeld te denken, maar toch leven er vandaag toch nog altijd mensen zonder (eigen) auto.

Ik ben zo’n iemand.  Waarom?

1. Ik heb geen rijbewijs en door medicatiegebruik mag ik toch niet autorijden.
2. Het is veel te duur.
3. Ik woon in een stad waar alle winkels en andere nutsvoorzieningen te voet en met openbaar vervoer bereikbaar zijn.  Dat is gezonder en goedkoper.

Eigenlijk komen de getuigenissen van dat boek, over het algemeen op hetzelfde neer als mijn visie waarom ik zonder auto leef.  Behalve diegenen die een rijbewijs hebben, huren af en toe een auto voor grote boodschappen of op onbereikbare plaatsen moeten zijn.

Die verhalen zijn herkenbaar voor me.  Ook zijn ze vlot leesbaar.  Zelfs het cijfermateriaal en de statistieken, en dat achteraan in het boek te vinden is.  De statistieken zijn cijfermateriaal zijn een beetje saai om te lezen, omdat het geen vernieuwde informatie voor me is.  Dus daar schonk ik weinig aandacht aan, maar de verhalen waren ondanks dat toch nog leuk.